Door de vlag

Home Omhoog

door Colijn Wakkee

Aan informatie op deze site kunnen geen rechten meer worden ontleend. Roosters, adressen en tarieven zijn dus niet meer betrouwbaar. Gelukkig hebben we de foto's nog, en die staan merendeels op deze site! Kijk voor actuele gegevens op www.schaakles.com.

De klok is altijd al vriend en vijand geweest van de schaker. Hij is noodzakelijk; anders komt er nooit een eind aan de partij; maar o zo vervelend als het fenomeen tijdnood van zich laat horen. Door de vlag gaan betekent ook genadeloos een nul, tenzij de tegenstander onvoldoende matpotentieel heeft. Maar wat bedoelt men daar nou precies mee? Wanneer heeft iemand voldoende matpotentieel?

 

 

Het is duidelijk dat als de tegenstander van degene wiens bedenktijd is overschreden alleen nog maar een koning bezit, dat het dan remise is.

Als wit een koning en paard of loper heeft en zwart, die door de vlag gaat, alleen een koning, dan is het ook remise. Een paard of loper kan nooit met behulp van de koning een vijandelijke majesteit, die moederziel alleen staat, mat zetten. Met twee paarden is dat anders. Er is een matbeeld mogelijk, dat alleen bereikt kan worden bij slecht spel van de tegenstander. Omdat de tegenstander zich normaalgesproken niet mat laat zetten, is dit eindspel technisch remise. Dit kan ook opgeëist worden. Maar wanneer deze speler de bedenktijd overschrijdt, kan zijn koning nog altijd matgezet worden, en verliest hij dus toch.

Als beide partijen stukken hebben, wordt het nog interessanter. Stel dat wit en zwart allebei een loper hebben, maar van verschillende kleuren velden. Zwart gaat door de vlag en zegt dat het remise is. Met loper en koning valt een eindspel niet te winnen. Maar, de zwarte loper kan een veld van de eigen koning afpakken, zodat er toch nog een matbeeld mogelijk is. Kijk maar in nevenstaande stelling:

 

Met lopers van gelijke kleur zou het wel remise zijn. De zwarte loper kan dan geen velden voor zijn koning afpakken in een matbeeld. Als de zwarte loper een paard was had het mat ook gekund, zie bovenstaand diagram.

Met een beetje geschuif met de stukken wordt het duidelijk dat de paard tegen paard en paard tegen loper ook gewonnen zijn als de tegenstander door de vlag gaat.

Een voorbeeld waarin het verschil tussen een paard en een loper duidelijk is: paard tegen toren en loper tegen toren.

 Denk in bovenstaand diagram de loper weg. Bij paard tegen toren is een matstelling mogelijk. Gaat zwart door de vlag, dan wint wit dus.

 

Als we nu alleen het paard wegdenken, wordt duidelijk dat een loper van een toren niet kan winnen, of zwart nu meewerkt of niet. Zwart kan zijn toren altijd tussen de loper en de koning plaatsen, zoals in dit geval op g7. Dit is dus remise, als zwarts vlag valt.

Kleine verschillen kunnen al punten schelen. Nu zijn dit wat vreemde voorbeelden: men zal al lang remise overeengekomen zijn of iemand heeft het al geclaimd. Toch is dit merkwaardig om te zien. Maar het kan gekker.

 

In deze stelling gaat wit, die aan zet is, door zijn vlag. De zwartspeler zegt: “Ik heb gewonnen, want ik heb nog een dame op het bord om jou mat te zetten.” Wit zegt echter: “Ik heb hier nog maar één zet tot mijn beschikking, en dat is het slaan van jouw dame. Dus jij kunt nooit meer matgeven en daarom is het remise.”

 

Wie heeft er gelijk? Is het remise of winst voor zwart? Om de verwarring compleet te maken: nog een voorbeeld.

 

Ook nu overschrijdt wit de bedenktijd. Zwart heeft genoeg materiaal op het bord om mat te geven. Maar ook in deze stelling heeft wit maar één zet om te spelen. Dat is niet zomaar een zet, maar een matzet! Dit zou betekenen dat wit, ondanks het overschrijden van de bedenktijd, de partij altijd zal winnen!

Dus in deze stelling is het of winst voor wit, of winst voor zwart omdat wit door de vlag gaat terwijl hijzelf nog materiaal op het bord heeft om mat te geven, òf zelfs nog remise omdat wit door zijn vlag gaat terwijl zwart hem niet meer mat kan zetten! Het is maar hoe je het bekijkt.

 

 

Tot slot gaat er in bovenstaande stelling één der spelers door de vlag. Uiteraard claimt de tegenstander winst, omdat die nog twee pionnen op het bord heeft staan. Maar kan die tegenstander ook daadwerkelijk winnen?
Zwart kan alleen zijn koning heen en weer bewegen tussen a8 en b8. Als wit geen actie onderneemt, is het remise door herhaling van zetten of door de 50-zetten regel. Doet hij dat wel, dan kan hij alleen maar de loper proberen te slaan, omdat de twee pionnen gedekt staan. Als wits koning op d8 staat en de zwarte op a8, kan wit de loper slaan. Maar na het slaan van de loper staat zwart pat!

Dit zou dus remise moeten zijn, ongeacht wiens vlag valt.

 

Door deze voorbeelden komt bij mij de vraag op wat er met matpotentieel bedoeld wordt. Het lijkt me logisch dat de speler moet kunnen aantonen dat hij zijn tegenstander, die door de vlag gaat, mat kan zetten. Maar dan geldt dat iemand kan winnen, ondanks het overschrijden van de bedenktijd: zie de stelling hiernaast.

 

Het kan ook zijn dat men alleen kijkt naar het materiaal op het bord. Als iemand pionnen heeft, wint die speler altijd als de tegenstander door de vlag gaat.

 

Na wat speurwerk heb ik de Regels voor het Schaakspel onder ogen gehad. Ik citeer artikel 6.9: “Als een speler het voorgeschreven aantal zetten niet heeft voltooid in de toegewezen bedenktijd, dan is de partij voor hem verloren, tenzij de artikelen 5.1, 5.2 of 5.3 van toepassing zijn. Als de stelling echter zodanig is dat de tegenstander hem nooit mat kan zetten, door welke reeks reglementaire zetten dan ook (bij het slechtst mogelijke tegenspel), dan is de partij remise.” (De artikelen 5.1, 5.2 en 5.3 gaan over mat en pat geven, remise aanbieden en opgeven, maar vermelden niks over de klok.)

Met deze kennis zijn de zojuist gestelde vragen op te lossen. Het diagram met dame en toren, waarbij wit de zwarte dame moet slaan, is remise. Want zwart kan wit op geen enkele manier mat zetten, door welke reeks reglementaire zetten dan ook.

Het daaropvolgende diagram is ook remise, om dezelfde reden. Over het feit dat wit zwart matgezet zou hebben, wordt in de spelregels niks gezegd. Er wordt, als wits vlag valt, alléén gekeken of zwart mat kan geven en dat is niet mogelijk als zwart zelf mat gaat!

Het laatste diagram is eveneens remise. Het is een minder direct voorbeeld omdat het over meerdere zetten gaat, maar ook hier kan geen van beide partijen winnen, hoe zwak de tegenstander ook speelt. Op deze stelling is ook artikel 9.6 van toepassing: “De partij is remise als een stelling is bereikt waarin mat niet mogelijk is door welke reeks reglementaire zetten dan ook, zelfs bij het slechtst mogelijke tegenspel. Dit beëindigt de partij onmiddellijk.”

In de praktijk is het meestal overduidelijk wat de uitslag is na het vallen van een vlag. Maar soms komt het voor dat iemand, die nog een aantal stukken heeft, door de vlag gaat als de tegenstander alleen nog een loper heeft. Vanwege het feit dat de eerste zelf nog stukken heeft verliest hij de partij, omdat zijn stukken vluchtvelden van de koning kunnen afpakken wanneer de eenzame loper mat zou geven.

  Home Links Waar is De Vleugel? Het nut van schaakles Oude_index Schaakschool